
Anouk Bloemendaal
Jeugd
In mijn leven ben ik altijd op zoek geweest naar zingeving. Ik kom uit een ongelovig nest. Ondanks dat mijn opa’s en oma’s naar de kerk gingen, hadden mijn ouders er afstand van gedaan. Ze hadden er niets mee. Mijn vader leerde me dat religie oorzaak is van veel ellende op de wereld. God bestaat niet en als we overlijden houden we op met bestaan. Er zal niets zijn. In de puberteit hield mij dit bezig. Ik begon na te denken over wat ‘niets zijn’ inhield. Hoe kan je ophouden met bestaan? Hoe kan je ophouden met denken en voelen? Hoe werkt dat dan? Een enorm gevoel van leegte overviel me. Samen met veel angst. Ik kon - en kan - me er niets bij voorstellen.
De naam Jezus heeft me in mijn jeugd enerzijds gefascineerd en tegelijkertijd kon ik er de spot mee drijven. Toen ik als kind leerde leven met de waarheid dat Sinterklaas niet bestaat, vond ik dat Jezus dan ook niet echt kan bestaan. Dat was een verzonnen verhaal. De man die dood ging en opstond. Dat kan helemaal niet. De teleurstelling in de ogen van mijn opa zie ik nog altijd voor me. Zonder godsbesef ben ik opgegroeid en eigenlijk wist ik niet beter.
Studententijd
In aanloop naar volwassenheid raakte ik geïnteresseerd in dat spreekwoordelijke gebied tussen hemel en aarde. (het was zeker geen dagelijkse bezigheid, dat moet ik erbij zeggen. Ik was vooral student die haar tijd vulde met studentendingen.)
Terug naar hemel en aarde. De ongeziene wereld. Ik las over het bestaan ervan. Gidsen. Geesten. Engelen. Energieën. Verhalen over ontmoetingen met overleden personen of andere onverklaarbare entiteiten fascineerden me mateloos. Er moet wel meer zijn, dacht ik. Al die mensen verzinnen dat toch niet?! Het bijzondere was dat ik er nooit goed van kon slapen. Ik had last van extreme angst en nachtmerries. In die dromen zag ik gedaanten en werd ik altijd gillend wakker. Na een tijdje begon ik te bidden naar (die) Jezus. Of Hij mij wilde beschermen, want ik wilde liever niet open staan voor die onverklaarbare zaken. Na gebed kon ik altijd slapen.
Tot nu
Een periode fast forward ben ik samen met mijn man Delano en inmiddels zijn we al eventjes verloofd. Mijn leven vulde zich lange tijd met werk, sport, reizen, vrienden en familie. Op het gebied van spiritualiteit vond ik van alles plausibel, behalve Christus. Ik kon niet zoveel met Christenen en zag ze veelal als braaf en behouden. Die zijn ergens opgehouden met redeneren, vond ik. Hoe kan je 100% geloven in een God die we niet zien? Wie gaat er nou trouwen zonder elkaar op seksueel vlak te leren kennen? Hoezo op zondag niet klussen? Vreemd vond ik het.
Toen in 2020 covid de wereld in zijn greep hield, begon ik mijn dagen opnieuw te vullen met spiritualiteit. Ik was nieuwsgierig naar wat dit mij zou kunnen brengen in het hier en nu. Meditatie. Manifestatie. Healing. Ik wilde er alles over weten. Ik zag het kwaad er niet van in.
Ik raakte zwanger in 2021 en hoewel ik vanuit verschillende hoeken gewaarschuwd werd voor het feit dat de zwangerschap in mijn geval niet zonder risico’s zou zijn (ik leef sinds mijn 18e met de auto-immuunziekte SLE), was ik inmiddels ook wars van alles wat met witte jassen te maken had. De farmaceutische industrie deugde niet. Maakte de mens nog zieker. Ik geloofde in de eigen kracht van mijn lichaam en ziel. Het herstellend vermogen.
Het ging mis. Mijn leven kwam tot stilstand op 19 maart 2022. Ik was herstellende van coronabesmetting en dat werd in rap tempo opgevolgd door een ernstige zwangerschapsvergiftiging. Met een bloeddruk van hier tot sint juttemis. 27 weken zwanger was ik. Ik werd opgenomen en gleed op gezondheidsvlak snel af. Tijd kopen bleek geen optie meer. De risico’s voor mij en de baby waren te gevaarlijk. Twee dagen later werd ze geboren: Novi. Prematuur en dysmatuur. Ik heb nog nooit zo’n klein mensenwezentje gezien. En ik ben nog nooit zo bang geweest om dit mensenwezentje te verliezen.
Ik kan hier een boek over schrijven maar in het kort is deze periode het meeste mooie én het meest zware dat ik in mijn leven heb moeten dragen. Een plots afgebroken zwangerschap en 100 dagen ziekenhuis voor Novi. Wij als newly ouders alle dagen buidelend doorbrengen naast de couveuse en later een ziekenhuisbedje. Zekerheid of ze zou blijven leven kregen we niet. Tijd om zelf te genezen vond ik nauwelijks. Was bijzaak. Er zijn momenten dat ik het duister opnieuw van dichtbij heb gevoeld. Zoveel angst en donkerte ervaren. Leven versus dood lag op die momenten niet ver van elkaar. Ik zag het om me heen. En ik begon te bidden. Bidden naar God. Wie dat dan ook mocht zijn. Of Hij over Novi wilde waken en haar wilde beschermen. Of Hij haar in de gaten wilde houden op de momenten dat ik het zelf niet kon en noodgedwongen naar huis moest om te rusten. Ik bad voor, tijdens en na medische ingrepen, maar deelde dit niet met de buitenwereld. Wel werd er vanuit familie, vrienden en collega’s ontzettend meegeleefd (die overigens voor ons gingen bidden, wat ik niet kende!). Ik leerde leven met de dag. Geen garanties voor morgen. En elke dag die voorbij ging en Novi vooruitging leerde ik te vieren. Dankbaar voor te zijn. Langzaam maar zeker kwam er een beetje licht aan het einde van de tunnel. Novi mocht naar huis en we mochten een gezin gaan vormen.
Eenmaal thuis tussen de luiers en de gebroken nachten is er een enorme afkeer ontstaan voor alles wat me daarvoor op spiritueel vlak bezighield. Ik had een vreselijke nasmaak. Ik had me laten misleiden door leugens en de realiteit - dat in mijn geval een zwangerschap altijd medisch zou zijn - ontkent. Zonder dat ik in woorden kan verklaren hoe dit precies is gegaan, vielen langzaamaan de schellen van mijn ogen. Achteraf denk ik dat God me de waarheid liet zien en van binnen met herstelwerkzaamheden begonnen was.
Ook ben ik zo dankbaar voor het grootste cadeau wat we hebben gekregen. Novi. Een gezonde dochter waar ik tijdens die donkere periode niet op durfde te hopen. Ik heb geen antwoord op waarom de ene prematuur geboren baby het wel overleefd en de ander niet, maar waar ik van kan getuigen is Zijn troost en Zijn nabijheid in die periode. Hij was en is erbij. Stilletjes aan ben ik me gaan verdiepen in het evangelie. Ik wilde weten wie Jezus is en wat de Bijbel vertelt.
De jaren tot aan nu heb ik ontzettend veel getuigenissen bekeken of beluisterd. Ik moet hier vrijwel altijd van huilen. Ik begon te lezen en kocht boeken. Mijn eerste was: ‘Stel je de hemel eens voor’ van John Burke. Een boek over bijna dood ervaringen (helemaal in mijn straatje ;-)) maar dan met een Bijbelse grondslag. Fantastisch vond ik het en ik las het wederom met tranen. Na een tijdje kocht ik dan ook hèt boek der boeken: de Bijbel.
Op mijn werk (Leger des Heils) begon ik vragen te stellen. Ik wilde meer weten. Ik had eigenlijk geen mensen in mijn intieme kring die het evangelie met mij konden delen. Die mij konden vertellen over Jezus. Ik voelde me alleen in de zoektocht. Een fijne collega (inmiddels ook een vriend) heeft veel van mijn vragen willen beantwoorden. Hij moedigde me aan om een Alpha cursus te doen. En omdat dit mij eerder is gezegd (namelijk aan het begin van mijn carrière bij LDH) zag ik het als een knipoog van boven. Ik besloot het te doen.
Afgelopen september 2025 heb ik mij aangemeld. Ik vond het vreselijk eng, maar wat een warm welkom bij Mozaiek071. Sinds Alpha heb ik veel fijne contacten mogen opbouwen. Mijn geloof is daarbij het afgelopen jaar in een sneltreinvaart gaan groeien. En hoewel ik nog lang niet alle antwoorden paraat heb (wie wel?) heb ik mezelf voorgenomen dat geloven niet betekent dat je ophoudt met redeneren.
Ik kies ervoor om Jezus te volgen, ondanks dat het mijn denken af en toe te boven gaat. En hoewel ik in mijn hart al een tijdje gekozen heb voor team Jezus (bekering vind ik nog steeds een heel formeel woord), wil ik dit met de doop extra bevestigen. Ik geloof dat Jezus de Weg, de Waarheid en het Leven is en dat Hij lang geleden voor al onze zonden is gekruisigd, gestorven en opgestaan. Hij is de weg naar de Vader. En ik geloof dat Jezus ernaar verlangt dat we allemaal mogen thuiskomen bij Hem. En inmiddels voel ik mij thuis bij Hem. Ik heb een lieve aardse moeder en vader, maar ook een hemelse Vader waar ik mijn ‘ei’ bij kwijt kan en Zijn Woord richting geeft. Ik merk de afgelopen periode een vernieuwing in mijn denken. Een vernieuwing in vriendschappen en relaties. Er wordt gesnoeid en bijgeknipt.
Geleidelijk. Dat is niet altijd gemakkelijk. Ik maak andere keuzes dan voorheen. En vele fouten maak ik nog steeds. Ik geloof dat ik als mens zondig ben en me nooit zal kunnen evenaren met Jezus. Maar door Hem te volgen en op Zijn Woord te vertrouwen, hoop ik elke dag een minibeetje dichterbij Hem te zijn. Jesaja 43:2

